Toespraken

Toesprak voor de heropening van het consulaat-generaal in Lubumbashi

Alleen het gesproken woord telt.
 
TOESPRAAK LUBUMBASHI 
 
Mijnheer de Gouverneur,
Excellenties,
Dames en heren, wat uw titel of hoedanigheid ook moge zijn,
 (Beste vrienden),
 
En ik kan me geen betere manier voorstellen om deze missie succesvol te beëindigen. 
Het is mij een waar genoegen hier in Lubumbashi te zijn om de heropening van ons Consulaat-Generaal officieel aan te kondigen.
Dit is uiteraard uitstekend nieuws op operationeel vlak.
Het Consulaat-Generaal mag dan wel een administratieve plaats zijn, het is in de eerste plaats een plek waar mensen elkaar ontmoeten en van gedachten wisselen. 
Zoals ik al eerder zei, belichaamt het Consulaat-Generaal de fysieke band van de Belgische gemeenschap - maar ook van vele Congolezen - in de regio met ons land, België; en bij uitbreiding, met de Europese Unie.
Afgezien daarvan heeft deze heropening ook een belangrijk symbolisch karakter.
Na een moeilijkere periode tussen onze twee landen zijn België en Congo bereid om dit hoofdstuk af te sluiten en een relatie op te bouwen die gebaseerd is op dialoog en partnerschap.
Een partnerschap van gelijkheid tussen twee soevereine en bevriende landen.
 
De signalen van deze nieuwe dynamiek in onze bilaterale betrekkingen zijn al enkele maanden voelbaar.
Het is geen toeval dat het eerste bezoek van president Tshisekedi aan Europa een bezoek aan België was.
Dit bezoek heeft overigens tot verschillende akkoorden geleid op het gebied van buitenlandse zaken, ontwikkelingssamenwerking en financiën.
Vanaf dat moment is het heel snel duidelijk geworden dat beide partijen de intrinsieke wil hebben om sterke banden te smeden tussen onze twee naties.
Ik was als eerste hiervan getuige tijdens deze Belgische missie in de DRC.
Ik weet dat de Belgen zeer blij zijn met deze nieuwe dynamiek – zij die momenteel in België verblijven – maar ook en vooral onze landgenoten hier, van wie sommigen bijzonder vertrouwd zijn met Congo omdat ze er het grootste deel van hun leven hebben doorgebracht.
U kent - meer dan wie dan ook - de haast sentimentele banden tussen onze twee volkeren.
 
 
Deze nieuwe start moet gebaseerd zijn op een centrale vraag: wat kunnen wij - van onze kant - doen om onze twee landen in staat te stellen elkaar te versterken?
Dat is de vraag die we ons stellen. En de Congolezen ook.
We hebben er gisteren lang over gepraat.
Met de president uiteraard.
Met de eerste minister en zijn regering.
Maar ook met het middenveld en andere belangrijke spelers van dit land.
Het is van essentieel belang dat we naar iedereen kunnen luisteren.
Aan gespreksonderwerpen was er geen gebrek.
 
De ontwikkelingssamenwerking in de DRC blijft bijvoorbeeld een pijler van ons ontwikkelingsbeleid en we zijn van plan initiatieven te steunen die gericht zijn op:
het consolideren van de landbouwsector om de voedselzekerheid te garanderen en veel Congolezen een deftig inkomen te garanderen;
het versterken van het beroepsonderwijs in het land, want we kunnen niet genoeg benadrukken hoezeer het onderwijs een hoeksteen is van onze samenlevingen;
maar ook het ontsluiten van het plattelandsleven of nog het verbeteren van het gezondheidssysteem.
 
We zijn onze militaire samenwerking geleidelijk aan het hervatten, die – laat ons dat niet vergeten – in 2017 door de DRC was opgeschort.
Die samenwerking is voornamelijk gebaseerd op opleiding. Ons land heeft een zekere knowhow op dit gebied en we hebben onze Congolese collega's laten weten dat we die graag met hen willen delen als ze dat willen.
 
Hetzelfde geldt voor de politiële en justitiële samenwerking.
Het doel is de politiecapaciteit te versterken, in het bijzonder op het gebied van strategisch advies, maar ook met het oog op de ontwikkeling van de gemeenschapspolitie.
We hebben ook gesproken over de investeringsmogelijkheden in het land. Om haar ambities waar te maken, is de Congolese regering zich er terdege van bewust dat ze een sterke economie, en een fiscaal en juridisch kader moet opbouwen dat bedrijven in de gelegenheid stelt zich in het land te ontwikkelen.
Deze banden kunnen uiteraard niet worden aangehaald zonder een openhartige, eerlijke en oprechte dialoog.
Want het is dit soort relatie waarnaar we wederzijds op zoek zijn.
Zonder naïef of consensueel te zijn, moeten we ook moeilijkere thema’s kunnen bespreken.
Daarom hebben we andere cruciale kwesties waarmee de Democratische Republiek Congo geconfronteerd wordt, niet links laten liggen.
De volledige pacificatie van het grondgebied.
De fundamentele vrijheden.
De mensenrechten.
Het bestuur.
Deze punten werden besproken en zullen ongetwijfeld ook in de toekomst nog worden besproken.
 
Deze Belgische missie eindigt vandaag, maar ik twijfel er geen seconde aan dat ze het begin is van een nieuw verhaal : een positief, constructief verhaal, in ons beider voordeel. 
De volgende ontmoeting ligt trouwens al vast: in maart-april zal een belangrijke handelsmissie van Belgische ministers en zakenmensen naar Kinshasa en Lubumbashi gaan. Een teken van hervonden enthousiasme bij Belgische economische spelers. 
Intussen gaat het politiek overleg verder. 
En ik twijfel er persoonlijk niet aan dat de volgende federale regering zich in deze logica zal kunnen herkennen. 
België en Congo kijken samen vol vertrouwen naar de toekomst. 
 
Ik dank u.